|
Asymmetrisch Federalisme |
|
| Civil & Political Society Asymmetrisch Federalisme Nations & Nationality Communist Party | |
|
Geschiedenis van asymmetrische federale structuren in Rusland Cesuren
aanbrengen in een historische beschrijving is een artificiële
aangelegenheid. We starten
onze analyse in dit hoofdstuk in 1918, maar 1918 is geenszins op te vatten
als hét tijdstip waarop federale toepassingen worden geïntroduceerd in
Rusland. Neen, federalisme
kent een lange geschiedenis in Rusland; sommigen argumenteren dat er
sprake was van federale toepassingen gedurende de tsaristische periode. De Tsaar sloot toen verdragen met het bestuur van volkeren
als de Kaukasische Khans en Centraal-Aziatische Emirs.[i]
De inhoud van deze verdragen legde de basis voor een
bevoegdheidsverdeling tussen het centrum en de periferie, waarbij deze
laatste bepaalde rechten en privileges toegewezen kreeg.
Uiteraard valt deze omschrijving enkel binnen het bereik van een
ruime definitie van federalisme. In
dit tweede hoofdstuk proberen we de geschiedenis van het Russisch
federalisme te reconstrueren. De
opmerking die in de inleiding stond, geldt ook hier weer.
De literatuur focust op federalisme tout
court en heeft (zeer) weinig aandacht voor bepaalde federale
toepassingen vanuit asymmetrisch oogpunt.
Bovendien wordt de Russische geschiedenis dikwijls geanalyseerd met
speciale aandacht voor de nationaliteitenproblematiek en –politiek. Dit is niet meer dan juist, want beide zijn een belangrijk
aspect van die geschiedenis. Wij
zullen om die reden evenzeer de nationaliteitenpolitiek als invalshoek
nemen. De federatie werd,
zoals we zullen zien, in eerste instantie als een vergankelijk instrument
geconcipieerd om een samensmelting van volkeren te bewerkstelligen.
Dit is immers wat de marxistisch-leninistische ideologie m.b.t.
nationaliteiten stelt. Desalniettemin
kan men toch verscheidene asymmetrische federale toepassingen
onderscheiden. Deze zullen we
uiteraard even nader bekijken. Zowel deel 2.1 als 2.2 van dit hoofdstuk zijn beschrijvende stukken - we gaan na hoe de Russische federatie in elkaar stak. Maar tegelijkertijd trachten we te analyseren hoe deze federale structuur ontwikkeld werd. Dit is een analyse met een duidelijke nadruk op het staatsrechterlijk perspectief, maar ook andere invalshoeken zullen dus aan bod komen. De
eerste periode die we behandelen, wordt benaderd vanuit een ideologisch
standpunt. Het is namelijk
moeilijk het tijdsverloop 1918-1991 te bekijken vanuit institutioneel
perspectief wanneer de sovjetstructuren en –instellingen sterk
onderhevig waren aan de communistische ideologie en korte termijn
planningen. Verder is de
communistische visie dikwijls afhankelijk van persoonlijke interpretaties
van sovjetleiders. We
verkozen echter niet de onderdelen strikt in te delen per sovjetleider
(Leninistische periode, Stalinistische tijdsspanne, …).
We structureren volgens voorkomen van asymmetrie: in de federatie,
in de nationaliteitenpolitiek en op het gebied van machtsposities.
Personen hadden dus een (soms) verregaande invloed op de structuren
en daarom zullen we zeker niet nalaten dit perspectief in te nemen. De periode 1991-1993 leent zich beter tot institutionele of staatsrechterlijke analyse aangezien instellingen en structuren een belangrijke (onafhankelijke) rol toegewezen kregen door o.a. een persoon als Boris Yeltsin (persoonlijke invloeden spelen dus ook nog een rol). Zie hierover deel 2.2, dat duidelijk laat zien dat de ideologische invloeden afnemen – de communistische dictatuur is afgebrokkeld van ’87 tot ’91. Zij maakt zodoende plaats voor democratische spelregels als geijkte procedures en herkenbare instellingen en structuren zoals het parlement. Vanzelfsprekend telt niet enkel de formele kant van zaken, maar let men ook op de inhoudelijke aspecten van instellingen en structuren.
|
|